Juni 2019

LUCHTZUIVERING DOOR BOMEN EN PLANTEN

Een samenwerkend onderzoek van wetenschappers  van de universiteit Antwerpen, de Sierteelt Technopool en de Vlaamse Milieuteelt, operationeel  onder de naam Green-Air probeerde alle wetenschappelijke kennis over het luchtzuiverend effect van bomen en planten te verzamelen.

Dat bomen, heggen en groene wanden en daken fungeren als filter en fijnstof afvangen is  bekend. Een en ander is wel afhankelijk van  de locatie. Bomen met grote kruin zijn niet aan te raden in een smalle straat omdat zij daardoor de ventilatie blokkeren, waardoor luchtverontreinigende  stoffen niet kunnen verdwijnen/.

Een aantal punten:

Hoe hoger de concentratie schadelijke stoffen , hoe sneller de  afbraak vise versa,

Hoe meer licht hoe meer afbraak;

Hoe groter de luchtverplaatsing hoe sneller de zuivering;

Hoe hoger de dichtheid van huidmondjes en hoe meer relief op het blad, hoe beter de zuivering.

Wat het afvangen van fijnstof betreft, zijn naaldbomen over het algemeen een betere keuze dan loofbomen. Dat heeft u op deze website al eerder aangetroffen. Ook blad- karakteristieken hebben effect: zouten, ionen op het bladoppervlak,  aanwezigheid van haren en de complexiteit van bladvorm hebben invloed.

Windstroming blijkt de belangrijkste factor.

In de top tien beste fijnstoffilters staan:

Vlinderstruik ( Buddleja davidii)

Gelderse roos,(viburnum opulus)

Haagbeuk,( carpinus betulus)

Steeneik (quercus ilex)

Wollige sneeuwbal (Viburnum lantana)

Japanse bottelroos ( rosa rugosa)

Meelbes( sorbus aria)

Witte paardenkastanje Aesculus hippocastanum

Douglasspar ( Pseudotsuga mensiesii) – ( wee  U exotenhaters!!!)

Veldesdoorn ( acer campestre)

Verkoelende werking van groen

Groen heeft  tevens absoluut invloed op te temperatuur naast het feit dat groen water vasthoudt en de biodiversiteit ondersteunt.

 Het is daarom opmerkelijk dat er twee landen zijn die dit zeer ter harte hebben genomen:

Daarbij past voor wat betreft China de voorzichtige opmerking dat de aanvankelijke keuze voor slechts een tot 3 species  in het Grain for Green Program minder voedsel biedt aan vogels dan de landbouwgewassen, dus minder species een habitat kan bieden, en eerder een groene woestijn is dan een gevarieerd landschap. Het moet dus beter voor de biodiversiteit.

Nederland doet het  radicaal anders, zie:

Overig nieuws:

Duurzame biomassa

Het is op dit moment niet mogelijk om aan te geven hoeveel duurzame biomassa er nu en in de toekomst beschikbaar is, dit wordt in het kader van het uitwerken van het duurzaamheidskader door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) nader onderzocht. Dat schrijft minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat in antwoord op vragen vanuit de Tweede kamer. 

Wat er duurzaam is aan biomassa is niet helder.

Beantwoord

Groen is te kostbaar om in de ovens te belanden.het duurzaamheidsprincipe vraagt wel van ons dat volgende generaties ook over dergelijke kwaliteiten kunnen beschikken en dat we dus veel meer oppervlakte in alle stadia van bosontwikkeling moeten hebben om dat te kunnen garanderen, ook pioniersstadia. Voor toekomstige niches heb je nu veel jong bos nodig.  Geen omvorming van bossen meer, want alle stadia zijn van belang.

Als we dan ook de koolstofopslag willen behouden ( verbeteren dus) is uitbreiding van bossen , wegbeplantingen en singels dringend aan de orde. Meer rottend hout betekent minder opslag van koolstof. Klimaat en biodiversiteit vergen identieke inspanningen op het terrein van bosuitbreiding….heel veel meer bos.

Het bossenbeleid van provincies en terreinbeheerders is  dus  ‘voor verbetering’ vatbaar. Het gaat niet om een paar boompjes..

Natura 2000 ‘doelen’

 Nederland heeft zich wat op de hals gehaald met wensnatuur,waarop de  Nederlandse natura 2000 is gebaseerd bij de  nationale aanwijzing in 2006. ( de zogenaamde landelijke doelen).

In drie zeer uitgebreide rapporten van voormalig Alterra,  thans Wageningen University, wordt een en ander uit de doeken gedaan. Minister Schouten bericht de Kamer dat  er nog onvoldoende zicht is op de resultaten van de inzet van landelijke doelen. Uit een verkennende studie in afwachting van de daadwerkelijke evaluatie van het Natura 2000-doelen blijkt dat de uitwerking en resultaten nog niet zodanig zijn dat een echte beleidsevaluatie mogelijk is, onder andere omdat de beheerplannen nog niet lang genoeg in werking zijn om zichtbare effecten te sorteren. De inzet van de actualisatie is om de landelijke gunstige staat van instandhouding van de habitattypen en soorten efficiënter en effectieverte kunnen bereiken. Een advies hierover wordt dit najaar naar de Tweede Kamer verzonden. Daarna wordt gekeken of en hoe de oplossingen doorgevoerd kunnen worden in de aanwijzingsbesluiten van Natura 2000-gebieden. De adviezen uit deze rapporten zullen in dit traject meegenomen worden. 

Zie voor meer informatie de rapporten Advies over de Natura 2000-doelensystematiek en Natura 2000-doelen, Analyse Natura 2000-doelensystematiek op basis van beheerplannen van de Natura 2000-gebieden en Advies over correcties en bijstelling van Natura 2000-doelen op de site van het ministerie van LNV. 

Dan is het toch extra merkwaardig dat er in dit voorjaar nog vele habitattypen zijn toegevoegd en weer verwijderd aan de aanwijzingsbesluiten van zeer vele Natura 2000 gebieden./

Opmerkingen.

Wat in deze rapporten ook nog   niet staat vermeld dat de PAS is afgeschoten door de Raad van State, dus alle beheerplannen moeten opnieuw worden bekeken. Want de beheerplannen en PAS  worden in een adem genoemd. Immers toen was bij insiders  genoegzaam  bekend dat met de landelijke doelen die bovenop de gebiedsaanwijzingen van Europa in 2004 zijn gelegd,  de economie stil kwam te liggen omdat stikstof gevoelige habitats het adagium werden………immers EHS is natuurontwikkeling,wil “natuur”, die gevoelig is voor stikstof,  is gebaseerd op beleid en heeft geen criteria.  Het ontwikkelen van deze EHSnatuur heeft talloze echt kwalificerende  soorten en soorten van habitats de kop gekost.  Talloze bedrijven werden onteigend  voor wensnatuur- 2600 ha per jaar-  die de natuurbeheerders mochten hebben om er natuur van te maken.  In de goede jaren ving Natuurmonumenten daarvoor 70 miljoen per jaar. Bestaande natuur werd vernietigd ten koste van wensnatuur: denkt u maar aan wat er aan bos was in het Dwingelderveld , Holtingerveld en Drents-Friese Wold en wat nog rest. En hoezeer de soort- en habitatbescherming die de Vogel-en Hbaitrichtlijn voorschrijft,  een farce blijkt.

Door dit geknoei is het  eind van deze klucht nog niet in zicht.

Op de rapporten zelf  is veel aan te merken, maar dat houdt u nog te goed.